Vaccinatie Kastratie - Sterilisatie Tandheelkunde Blaasproblemen  



Bij katten komen ook vaak gebitsproblemen voor, voornamelijk omdat het niet voor de hand ligt om zelf het gebit van een kat grondig te reinigen. Katten met gebitsproblemen herken je vaak aan veelvuldig kwijlen en speekselen, het moeilijker opnemen van voedsel of in extremis zelfs 'schrik' hebben om te eten. Hierdoor vermageren ze, waarbij je merkt dat ze wel willen eten maar jammeren of weglopen van hun etensbak.

Een grondig tandonderhoud vermindert de verhoogde kans op tandplak. Dit laatste bestaat uit slijmen, voedselresten en bacteriŽn die een laagje op de tanden vormen. Deze ophoping van bacteriŽn kan ervoor zorgen dat er zich een ontsteking in het tandvlees (gingivitis) vormt. Moeilijker wordt het wanneer tandplak onder invloed van speeksel zich gaat verkalken tot tandsteen. Als het dier op dat moment een professionele tandreiniging krijgt, kan het gebit zich nog volledig herstellen.

Net als bij de hond is paradontitis de meest voorkomende infectieziekte van de mondholte van de kat. Wanneer er naast ontstoken tandvlees ook steunweefsel van de tand is aangetast, spreekt men van paradontitis. Tanden en kiezen kunnen los gaan staan en er komt een onaangename geur uit de bek.

Wat we ook vaak bij katten zien, is dat er zogenaamde tandhalslaesies ontstaan in de tanden of kiezen van de kat. Dit progressieve proces herken je aan bloederig weefsel boven het tandslijmvlies. Soms zie je zelfs echt een gat in de tand of kies. Tandhalslaesies verzwakken de tand of kies en kunnen zelfs tot in de zenuwholte doordringen. Dit geeft hevige pijn en de kat weigert meestal om te eten. Tot op heden bestaat er geen preventieve therapie en komt het er meestal op neer dat de tanden of kiezen moeten verwijderd worden.